Meet the challenge, make the change 2

J.P. Mooijman

Samenvatting

Het eerste deel van dit artikel ging over de wankele basis van het vorig jaar verschenen Advies over de voorlopige eindtermen basisvorming in het voortgezet onderwijs—Moderne Talen (voortaan: Advies ET). Het bood een kritische beschouwing van het vooroordeel jegens de leerlingen van de zogenaamde 'onderkant' (lts, Ihno, leao, enz.), het minimum redzaamheidsprogramma waartoe de eindtermen zullen leiden en de twijfelachtige methodologische keuzen van de gewenste aanpak (Mooijman, Levende Talen 1990, nummer 452).

In dit deel wil ik uitgangspunten geven voor een alternatieve aanpak voor het onderwijs in de moderne vreemde talen. Eerst komt aan bod de 'Copernican Revolution' als gevolg van de nieuwe, audio-visuele middelen die ons nu ter beschikking staan. Dan volgt een visie op het maatschappelijke nut van een aanpak waarin de nadruk wordt gelegd op de ontwikkeling van een hoge graad van luistervaardigheid (d.w.z. het vlot kunnen verstaan van de vreemde taal). Dan wordt de verwerving van spontane spreekvaardigheid besproken, de plaats van het schrijven in het verwervingsproces, en de ontwikkeling van taalcorrect en situatiegeëigend taalgedrag. Daarna wordt de wenselijkheid van 'immersion'-programma's aan de orde gesteld. Tenslotte wordt de nieuwe rol van de leraar en van de lerarenopleiding besproken als ook de nieuwe inbreng van de educatieve uitgeverijen.


Trefwoorden


Basisvorming; eindtermen; Moderne vreemde Talen

Terugverwijzingen

  • Er zijn momenteel geen terugverwijzingen.