Meelezen om mee te kunnen praten; Vrijetijdslectuur voor volwassen NT2-leerders

Theo Janssen

Samenvatting

In het vorige nummer stond een bijdrage van Wim Coumou over het gebruik van authentieke leesteksten in het tweedetaalonderwijs. Het betrof de aangepaste versie van een lezing die Coumou hield tijdens het symposium 'Ordeningscriteria voor leesteksten in het onderwijs Nederlands als tweede taal', dat de afdeling Nederlands Tweede Taal van de Vrije Universiteit op 8 december jl. organiseerde.
In dit nummer de tekst van de lezing van een van de andere contribuanten aan dit symposium, prof. dr. Theo Janssen. Hij heeft het over vrijetijdslectuur als leermiddel. Zijn stelling is dat populaire familiebladen als Libelle, Panorama enz. uitstekend als zodanig kunnen fungeren. Ter onderbouwing van deze stelling bespreekt Janssen een aantal aspecten van dergelijke lectuur. Successievelijk komen aan de orde: enkele algemene eisen waaraan vrijetijdslectuur zou moeten voldoen (aantrekkelijke vormgeving, gevarieerde inhoud en heldere, bevattelijke taal), de taaltechnische moeilijkheidsgraad en de zgn. communicatieve relevantie van dit soort lectuur.
Een citaat: 'Voor het stadium waarin het verwerven van de sociale erkenning centraal staat, is de NT2-leerder er vooral mee gediend dat hij op de hoogte is van wat bij zijn potentiële gesprekspartners leeft. Hij moet weten wat hun aandacht heeft. Hij moet zo snel mogelijk toegang krijgen tot de topics van zijn nederlandstalige communicatieve omgeving in bewoordingen die daarbij feitelijk gehanteerd worden. Dan pas kan hij met recht van spreken meepraten niet alleen in de ogen van zijn gesprekspartners, maar vooral ook in zijn eigen ogen.'

Trefwoorden


Vrijetijdslectuur; leesteksten; NT2; volwassenenonderwijs

Terugverwijzingen

  • Er zijn momenteel geen terugverwijzingen.